Binnenland

“Op het moment dat je je kinderen naar de kinderopvang brengt vraagt elke ouder zich af welke kwalificaties de kinderopvang heeft. Maar als ze naar de sportvereniging gaan denken we dat alles goed gaat”, zegt Nicolette Schipper-Van Veldhoven, lector Veilig Sportklimaat.

“En dat is niet zo, want in de cijfers zien we dat grensoverschrijdend gedrag ook in de sport in hoge mate plaatsvindt”, vult ze aan. Uit onderzoek van EenVandaag blijkt dat ruim vier procent van de ondervraagde sporters seksueel ongewenst gedrag heeft meegemaakt. Het gaat om 642 slachtoffers op 15.000 ondervraagde mensen.

Jeroen Gillesen, waarnemend voorzitter van VV Rijen, durft met zekerheid te zeggen dat ‘zijn’ club een veilig sportklimaat heeft. Maar hij vindt het ook lastig. “Als je er niet mee wordt geconfronteerd, lijkt het er ook niet te zijn. Dat is lastig. Je weet niet altijd wat er zich afspeelt in de kleedkamer of op het veld.”

VV Rijen stelt voor alle vrijwilligers een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG), verplicht. Daarmee worden mensen met een strafblad buiten de deur gehouden. Maar staand beleid op seksueel overschrijdend gedrag is er nog niet. Het technische gedeelte is goed in orde: aan trainers, coaches en elftalbegeleiders geen gebrek. “Dat is inherent aan het feit dat je een sportvereniging bent”, zegt Gillesen. “Dat maakt het ook moeilijk. Als er zich iets voordoet overvalt het je vaak.”

Dat ziet Nicolette Schipper-Van Veldhoven vaker. “Wat je ziet bij sportverenigingen is dat ze vaak erg druk zijn met wedstrijden organiseren, het clubhuis draaiende houden. Het gaat vaak over praktische zaken. En vaak denken ze ook bij ons komt dat niet voor.”

Juist daarom vindt zij het belangrijk om er wel veel aandacht aan te besteden. “Kinderen die seksueel grensoverschrijdend gedrag meegemaakt hebben kunnen zeer getraumatiseerd raken. De lichte gevallen krijgen buikpijn, maar je kunt ook eetproblemen krijgen, een psychische stoornis krijgen of zelfs zelfmoordneigingen.”

Sportclubs blijven kwetsbaar voor kwaadwillenden. Daders kunnen inspelen op de grote vraag naar vrijwilligers. “En als het dan hele aardige mensen zijn met een goed voorkomen, die allerlei dingen willen doen en aardig voor kinderen zijn, dan denk je als club ‘ik heb een goede vrijwilliger binnen’. Maar aan de buitenkant kan je niet zien of iemand pedofiel is”, stelt Schipper-van Veldhoven.

Schipper-Van Veldhoven vindt het raar dat de KNVB - als grootste sportbond van Nederland - de VOG nog niet verplicht heeft gesteld. “Ze moeten de verenigingen veel meer uitdagen om beleid te maken.”

Chris van Nijnatten van de KNVB legt uit dat een VOG zinvol kan zijn, maar dat je zeker moet weten dat het gaat helpen. “Het beleid is in de eerste plaats om het probleem heel serieus te nemen. Ieder geval van seksuele intimidatie is er één te veel. Ons beleid is er vooral op gericht om te zorgen dat mensen zich veilig voelen als ze met zo’n situatie zitten.” Een VOG biedt niet direct de oplossing maar is een schijnzekerheid, denkt de KNVB.

Schipper-Van Veldhoven hoopt dat de KNVB naast de VOG een pedagogische training verplicht stelt. “Hoe ga ik om met kinderen, wat kan ik doen aan grensoverschrijdend gedrag, hoe kan ik het voorkomen of herkennen? Ze vragen aan vrijwilligers ook een technische trainingskwalificatie, dus waarom dan geen pedagogische?”