Binnenland

De conclusies van de Onderzoeksraad voor Veiligheid over de fatale schietoefening in Ossendrecht vorig jaar zijn snoeihard: ‘Verschillende ‘veiligheidsbarrieres’ functioneerden niet, het schiethuis was ongeschikt, de oefening vond plaats zonder persoonlijke begeleiding en zonder gekwalificeerde instructeurs, zonder toezicht, zonder lesmateriaal en zonder een adequate veiligheidsanalyse.’

Vorig jaar kwam een instructeur in opleiding van het Korps Commandotroepen om het leven toen hij door meerdere kogels werd getroffen op de oefenlocatie van de Politieacademie in Ossendrecht. Eerder seponeerde het Openbaar Ministerie de zaak tegen drie militairen die bij het incident aanwezig waren. Het OM sloot toen ‘enige opzet of verwijtbare schuld’ uit. Uit onderzoek bleek toen al dat de oefenlocatie niet gebruikt had mogen worden en niet door de daartoe bevoegde instantie was goedgekeurd. 

De OVV beveelt Defensie aan op korte termijn een eigen schiethuis te bouwen, de geconstateerde tekortkomingen op te heffen en te onderzoeken of het schietincident indicatief is voor de veiligheidsstructuur binnen Defensie.

In een eerste reactie liet minister Hennis-Plasschaert van Defensie weten dat het van het grootste belang is dat alle feiten boven tafel komen. 

EenVandaag spreekt de minister en we vragen de voorzitter van de Onderzoeksraad voor Veiligheid Tjibbe Joustra om een reactie. Ook reageert Jasper van Dijk van de SP.

De tekortkomingen van Defensie stapelen zich in deze zaak op. Zo was in 2014 al bekend bij de legerleiding dat er geen voorschriften waren voor het gebruik en constructie van de schiethuizen. Er was wel een verplichting om schietbanen te keuren voor gebruik, maar ook deze keuring heeft nooit plaatsgevonden.