Binnenland

Vandaag de eerste aflevering van het drieluik ‘Vluchteling aan tafel’ waarin de familie Meijer thuis een etentje organiseert voor een onbekende vluchteling uit een noodopvang. Jacqueline, Eli, Levi en Sira krijgen zaterdag Farid Abu Amro te eten,  die zes maanden geleden uit Syrië vluchtte. Als Palestijnse Syriër is hij een minderheid in eigen land. Hij wilde niet ingelijfd worden in een leger dat zijn eigen volk bombardeert en daarom zit hij nu in Nederland.

Degene die het etentje verzorgt haalt de vluchteling op bij de noodopvang en brengt hem of haar na afloop ook weer terug. ‘Come & Eat’, door Stichting Eet mee! samen met Present Utrecht georganiseerd, werd onlangs bekroond met de Tolerantieprijs. Meer dan 1600 keer schoof een vluchteling aan voor een bijzondere ontmoeting. Coördinator Annelies Kastein in EenVandaag: "Voor de vluchtelingen is het een hele mooie manier om contacten te leggen met de Nederlanders en weer eens in een huiselijke sfeer te zijn en als mens gezien te worden." Doel van de etentjes is vooral ook het ijs te breken tussen de twee partijen, omdat je iemand pas leert kennen als je hem ontmoet en met hem praat. 

Farid begrijpt de angst van veel Nederlanders voor de vluchtelingen goed. ‘Het gebeurde ook met mijzelf toen ik in nog in Syrie woonde en in 2003 de Irak-oorlog begon. Veel Irakezen vluchtten naar Syrie. Op een dag deed ik het raam open en zag ik ze op straat lopen met hun bagage. Ik voelde twee dingen: ten eerste voelde ik medeleven met ze om dat ze voor de oorlog zijn gevlucht. Aan de andere kant was ik bang voor wat ze gingen doen in onze maatschappij. Wat zijn hun plannen voor de toekomst?”

Farid had niet kunnen bedenken dat hij dertien jaar later zelf een vluchteling zou zijn in een voor hem totaal vreemd land. Aan tafel bij de familie Meijer laat hij zich bijpraten over Nederlandse humor en vertelt hij over zijn familie die in Syrië is achtergebleven. 

De etentjes blijken niet alleen voor de vluchtelingen leuk, ook de Nederlandse gezinnen die meedoen hebben er veel aan. Moeder Jacqueline: “Ik vind het belangrijk om mee te doen omdat het een verbinding kan maken tussen wat er nu allemaal gebeurt in de wereld en waar we allemaal mee te maken hebben. Er zijn mensen die zeggen ‘wat heeft dit nu voor zin?' Maar wat moet je dan zeggen, dan doen we maar helemaal niets? Het is toch allemaal maar één doffe ellende? Ik dacht ook aan wat ik zelf zou willen in zo’n situatie. Nou, dan wil je toch dat iemand zegt: ‘kom maar hier, ik kan je misschien een beetje helpen’."